Zorgverleners over hun energiegevers en -vreters

Pensioen? Eerder stoppen met werken? Voor veel mensen zijn dat zorgen voor later. Als we ons gezonde verstand gebruiken, weten we heus wel dat het slim is nu alvast na te denken over geldzaken voor later. Toch schuiven we dat onderwerp graag vooruit. Waarom vinden we het zo oninteressant na te denken over geld voor in de toekomst? En hoe kunnen we daarbij geholpen worden? We leggen het voor aan hoogleraar Esther-Mirjam Sent (Radboud Universiteit), die gespecialiseerd is in gedragseconomie.
“We worden al geholpen door bepaalde regelingen. Veel werkgevers bieden hun werknemers een pensioenregeling aan. Daarnaast krijgt iedereen die in Nederland gewoond of gewerkt heeft AOW. Dat is voor een deel uit solidariteit, maar ook om ons te beschermen tegen ons kortetermijndenken en gebrek aan zelfbeheersing. Maar we kunnen op meer manieren geholpen worden.”
“Zo blijkt dat we beter sparen voor later als we een foto zien van onszelf in de toekomst. Met de hedendaagse technologie kun je het gezicht van proefpersonen zo manipuleren dat ze eruitzien als 65-jarigen. Dat gebeurde in een experiment. Na het zien van de foto kregen de proefpersonen de vraag: zou je voor deze man of vrouw wat extra sparen? Veel mensen antwoordden bevestigend.”
“Een mogelijk pensioensysteem is save more tomorrow. Dat is bedacht door Richard Thaler, een Amerikaanse Nobelprijswinnaar voor Economie. Mensen sparen niet nú voor hun pensioen, maar ondertekenen een contract. Daarin staat dat als ze in de toekomst meer gaan verdienen, ze op dat moment een bepaald percentage van het extra salaris wegleggen voor hun pensioen. Wat blijkt uit onderzoek: nu een belofte maken die je in de toekomst pas in je portemonnee voelt, vinden we makkelijker om te doen dan een belofte die ons direct geld kost. En we hebben dan minder last van verliesaversie. Je weet namelijk dat je salaris omhoog zal gaan en ziet dat als winst, al gaat er dan een klein percentage naar je pensioenpotje.”
“Verder laten we ons graag overtuigen door anderen, dus ook persoonlijke coaches kunnen je helpen nu keuzes te maken voor later. Of een soort virtueel engeltje op je schouder in de vorm van een app op je telefoon. Je krijgt bijvoorbeeld twee keer per maand een pushbericht met een update over je financiële situatie en de status van verschillende potjes voor later. Of je legt vast dat je automatisch spaart als je aan het einde van de maand een bedrag overhoudt. Veel mensen hebben simpelweg geen zin om zelf op mijnpensioenoverzicht.nl te kijken. Ze moeten daaraan herinnerd worden. Privacy blijft daar wel een issue bij. Mensen moeten dan zelf toestemming geven om zo’n app toegang te geven tot persoonlijke informatie.”
“Ik vind dat iedereen verplicht moet sparen voor pensioen, ook bijvoorbeeld zzp’ers of flexwerkers. Maar nadenken over later is voor hen een luxe die ze zich niet altijd kunnen permitteren. Ze zijn al blij dat ze het hoofd boven water kunnen houden. Daarom moet de overheid hun arbeidsvoorwaarden verbeteren, bijvoorbeeld met minimumtarieven. Ook als het gaat om arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Die zijn nu enorm duur.”
“Meer aandacht voor financiële geletterdheid op scholen is ook een goed plan, denk ik. Wat leer je nu bij economie? Allerlei zaken over bedrijven en de overheid. Het gaat helemaal niet over je eigen huishoudboekje. Wat houden die verschillende soorten hypotheken in? Hoe werkt het Nederlandse pensioenstelsel? En wat betekent dat concreet voor mij? Tijdens de Week van het geld besteden scholen elk jaar in maart aandacht aan persoonlijke financiën. Dat mag wat mij betreft vaker en gestructureerder.”
“Je kunt mensen grofweg in twee groepen verdelen: maximizers en satisficers. Maximizers nemen optimale beslissingen door alle opties te bekijken en Excel-berekeningen te maken. Satisficers gebruiken vuistregels. Ze laten zich leiden door advies van de buurman, door hun emoties of door iets wat in het verleden werkte. Slechts 20% van ons is een maximizer. 80% van ons heeft dus geen boodschap aan rationele boodschappen van banken of de overheid. Wat ook meespeelt is dat de meesten van ons onrealistisch optimistisch zijn. We denken al snel: later komt het wel goed. Dan ga ik meer verdienen, dus dan regel ik mijn pensioen wel. Dat onrealistische optimisme is een valkuil bij het sparen voor later.”
“We moeten er continu aan herinnerd worden, bijvoorbeeld door apps of persoonlijke coaches. Ook helpt het als we van tevoren een commitment hebben, zoals dat toekomstige contract. Zo gaat het rekening houden met geld voor later in je systeem zitten.”
Esther-Mirjam Sent (52) is hoogleraar economische theorie en economisch beleid aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Ze studeerde economie aan de UvA en promoveerde in 1994 aan Stanford University in de Verenigde Staten onder begeleiding van Nobelprijswinnaar Kenneth Arrow. Haar onderzoekinteresses zijn onder meer gedragseconomie en de geschiedenis en filosofie van economische wetenschappen. Ook schrijft ze veel over de positie van vrouwen in de economie.
Het mooiste voorbeeld van de focus op de korte termijn vindt Esther-Mirjam Sent het Marshmallow-experiment. “Kinderen worden in een kamer gezet met één marshmallow. Er wordt gezegd: over tien minuten krijg je nog een marshmallow, maar alleen als je deze niet opeet. Vervolgens wordt hun worsteling gefilmd. Sommige kinderen stoppen stiekem een stukje in hun mond, ruiken eraan of doen de marshmallow een seconde in hun mond en leggen hem daarna weer terug. Dit experiment toont ons gebrek aan zelfbeheersing.”